---
title: "4.4 Meer aspecten"
canonical: "https://www.natuurinclusieve-akkerbouw.nl/space/na02/11272325/4.4%20Meer%20aspecten"
format: markdown
---
---

<u>*Ziekten en plagen*</u>

Een groenbemester verbetert weerbaarheid van de bodem en gewas tegen ziekten en plagen door drie mechanismen; 1. de aanvoer van organische stof verbetert de structuur en vruchtbaarheid van de bodem; 2. stimulering van het bodemleven wat de plant weerbaarder maakt; en 3. door het stimuleren van natuurlijke vijanden van ziekten en plagen. Sommige groenbemesters, zoals de tagetes, kunnen zorgen voor afname in bepaalde aaltjessoorten. Echter zijn sommige groenbemesters waardplanten van ziekten en plagen, waardoor deze zich kunnen vermeerderen gedurende de teelt. Daarom is het belangrijk dat de ziektestatus van de bodem bekend is zowel als de waardplantstatus van de groenbemester.  
  


---

<u>*Onkruid*</u>

Groenbemesters verminderen onkruidgroei door direct te concurreren met onkruiden of door de kieming van onkruiden te onderdrukken. Onderzoek geeft aan dat 27% minder onkruid mogelijk is met groenbemesters vergeleken met zwarte braak. Voor een goede onkruidonderdrukking is wel een snelle begingroei met goede bodembedekking nodig. Is de begingroei slecht met veel onkruid in de groenbemester, dan is het moeilijk om deze chemisch te bestrijden door de gevoeligheid voor herbiciden van veel groenbemestersoorten. Opslag kan voorkomen worden door de juiste soort te kiezen en het hakselen, onderwerken, klepelen of ploegen tijdig (voor de zaadrijping) uit te voeren.  
  


<span style="color: #172b4d">Het langer groen houden van de bodem in de winter zorgt voor voedsel voor insecten en biedt bescherming tegen ongunstige weersinvloeden zoals kou, wateroverlast, warmte en droogte. Groenbemesters kunnen ook positieve effecten hebben op vogels, indirect door de verhoogde aanwezigheid van insecten en direct door de productie van jong blad en zaden in de winter. Voor de productie van zaden is wel een vroeg zaaitijdstip nodig (zaaien voor 1 augustus).</span>  
  


---

<u>*Stikstofuitspoeling*</u>

Onderzoek toont dat stikstofuitspoeling met 53% kan afnemen met niet-vlinderbloemige groenbemesters. Na de oogst van het hoofdgewas neemt de groenbemester stikstof op uit de nog verterende gewasresten en meststoffen. De stikstof spoelt dan niet uit gedurende de winter en voorjaar waardoor het oppervlaktewater beschermd wordt tegen eutrofiering. Vervolgens komt een deel van de opgenomen stikstof na onderwerken van de groenbemester weer vrij voor het volggewas waardoor er bespaard kan worden op de stikstofgift.