---
title: "6.4 Meer aspecten"
canonical: "https://www.natuurinclusieve-akkerbouw.nl/space/na02/11272269/6.4%20Meer%20aspecten"
format: markdown
---
---

---

<u>*Bodemkwaliteit*</u>

Niet kerende of gereduceerde grondbewerking heeft een sterk positief effect op de bodemkwaliteit via het effect op bodemleven en bodemstructuur. Er is minder bodemverdichting in de ondergrond doordat er niet met een tractor in de ploegvoor wordt gereden. Er is minder verstoring en daardoor iets minder afbraak van organische stof. Een grovere toplaag met meer gewasresten, organische stof en activiteit van bodemleven geeft een stabielere bodem met een minder erosiegevoelige toplaag, betere waterinfiltratie en grotere draagkracht. Daarnaast kan de bodem meer water ter beschikking stellen en is daardoor minder gevoelig voor droogte. Ook het nutriënten leverend vermogen van de bodem stijgt. Aan de andere kant, droogt de ondergrond minder snel op, wat invloed heeft op de mogelijkheden voor grondbewerking en inzaai.

Bij de overgang van ploegen naar NKG kan de bodemkwaliteit eerst verslechteren. De opbouw van organische stof en bodemleven gaat langzaam, terwijl deze processen zelf het los maken van de bodem moeten overnemen.  
  


---

<u>*Biodiversiteit*</u>

Door NKG wordt de bodem minder verstoord en wordt het bodemleven niet begraven bij het keren van de grond. Vooral grotere en langer levende soorten kunnen hiervan profiteren, waaronder regenwormen en mycorrhiza schimmels. Dit leidt niet alleen tot meer soorten, maar ook tot een hogere functionele biodiversiteit in de bodem. Deze functionele diversiteit werkt door in een betere bodemvruchtbaarheid en stabielere bodem. De hogere bacteriële- en schimmelbiomassa in NKG draagt ook hieraan bij. Doordat de meeste bodemorganismen weinig mobiel zijn, verloopt de toename van biodiversiteit in de bodem bij de overgang naar NKG geleidelijk, waarbij de snelheid mede afhankelijk is van het bodemtype.  
Met niet-kerende grondbewerking blijven meer zaden oppervlakkig beschikbaar als voedsel voor overwinterende akkervogels. Ook het niet onderploegen van de stoppels kan zorgen voor hogere dichtheden van insecten, kleine zoogdieren en foeragerende vogels.  
  


---

<u>*Klimaat en emissies*</u>

Een verhoogde organische stof in de bodem door NKG is nog niet wetenschappelijk aangetoond in Nederland. Dit zou te maken kunnen hebben met dat de bodem alsnog intensief bewerkt wordt voor de teelt van rooigewassen. In een proef op kleigrond is er wel een tendens tot meer organische stof in de bodem en een andere verdeling van de organische stof in de bouwvoor dan in geploegde grond. De organische stof bevordert de waterinfiltratie, deels via effecten van het bodemleven, en draagt zodoende bij aan klimaatadaptatie. Er zijn ook effecten op de nutriëntenhuishouding. Bijvoorbeeld is er meer stikstof gebonden aan organische materiaal in de bodem, wat tot nu toe niet heeft geleid tot een verhoogde uitspoeling.  
  


---

<u>*Wet- en regelgeving*</u>

In Limburg is NKG verplicht op hellingen die steiler zijn dan 2% om erosie tegen te gaan. Verder is er op dit moment nog geen regelgeving die de omschakeling van ploegen naar NKG stimuleert.